Een mes bestaat uit verschillende delen, die allemaal hun eigen naam hebben.mes onderdelen Bron: Wikipedia

  • A: Lemmetrug. De lemmetrug is meestal recht, maar kan ook ribbels bevatten die gebruikt worden om een vis mee te ontschubben.
  • B: Lemmet. Het is het belangrijkste onderdeel van het mes, het lemmet wordt meestal van een legering van ijzer met een aantal andere materialen gemaakt. Het lemmet loopt van de "punt" van het mes tot aan de "hiel".
  • C: Snijvlak, snede, vouw of snijkant. Het scherpe deel van het mes, dat wordt gebruikt om mee te snijden
  • D: Stootplaat, krop of garde, dient ter bescherming van de hand, bijvoorbeeld bij het snijden in scherp materiaal. Een dikke garde is veilig, omdat het voorkomt dat je per ongeluk op het lemmet glijdt met je hand of vingers. Een te dikke garde vermindert de bruikbaarheid van het mes als je niet het hele lemmet kunt slijpen. In dat geval kun je beter kiezen voor een garde die aan de onderkant taps toeloopt naar dezelde breedte als het lemmet.
  • E: Heft. Hier wordt het mes mee vastgehouden, het heft kan van veel verschillende materialen zijn gemaakt, hout is nog steeds erg populair, maar tegenwoordig kiest men ook vaak voor een kunststof.
  • F: Vingergroeven. De vingergroeven geven extra grip.
  • G: Koordoog. Een koordoog wordt gebruikt om een koord door te halen om te gebruiken als polslus of bij kleine messen in een diepe schede om ze er makkelijker uit te krijgen.
  • H: Pommel. De pommel is het achterste stuk van het mes en het dient vaak als mooie afwerking of als tegenwicht zodat het mes in balans is.
  • E*: Tang. De tang is eem onzichtbaar deel van het mes. De tang zit in het heft en is verbonden met het lemmet. Op die manier zorgt het voor de stevigheid van het mes. Bij kwaliteitsmessen worden de tang en het lemmet uit een stuk gesmeed, waarna het lemmet om de tang wordt geklonken, gespoten of gegoten. Het stevigst is een tang die helemaal tot het eind van het lemmet doorloopt.